Verbeeldingskracht voor de toekomst

Hoe ziet een circulaire samenleving en economie eruit?
Wat merken we ervan in ons dagelijks leven als we zorgvuldig omgaan met grondstoffen, als we ernaar streven om materialen en processen optimaal te benutten en niets van waarde te verspillen?

Het is opvallend moeilijk om die vraag te beantwoorden, om te bedenken hoe die circulaire samenleving en economie eruitziet. Hoe zit dat?

De verandering van een lineaire naar een circulaire economie betekent een radicale systeem- en cultuurverandering: andere spelregels, andere samenwerking, ander gedrag, handelen vanuit een andere logica en andere waarden dan waar we nu vertrouwd mee zijn. Maar in het ‘nu’ bevinden we ons middenin een lineaire economie: zo zijn we opgeleid en grootgebracht, zo leven en werken we. Het vereist onderzoek en doelgerichte hersengymnastiek om je in die andere toekomst te kunnen verplaatsen, en daarin ‘rond te lopen’ en om je heen te kijken.

Experts — hetzij op het gebied van circulaire economie algemeen, hetzij op het gebied van megatrends, hetzij op specifieke onderwerpen zoals circulaire businessmodellen, kunststoffen, biomassa — hebben allen een stukje van de puzzel in handen, maar die puzzel wordt zelden aan elkaar gelegd. Daarnaast is men logischerwijs geneigd om vanuit (de restricties van) het hier en nu te redeneren en wordt het moeilijk gevonden om daar los van te komen en vanuit de expertise na te denken over 2040 of 2050. Ook vindt men het doorgaans moeilijk om informatie, plannen en doelen te vertalen naar: wat betekent dat vervolgens voor het dagelijks leven van een bewoner, of een ondernemer, of een bestuurder?

Terugkerend probleem is dat we zowel de circulaire economie als de energietransitie definiëren aan de hand van dingen die we niét meer doen, of die er niét meer zijn of die minder worden: CO2-arm, vermindering van x procent, aardgasvrij, energieneutraal. Allemaal veranderingen ten opzichte van het nu, maar…..wat is het dan op zichzélf? Als we die situatie straks niet meer afzetten tegen het verleden, maar de situatie als op zichzelf staand beschrijven, wat zien we dan voor wereld? Wat is er wél, en wat neemt er juist toe? Hoe ruikt het, wat hoor je, hoe kom je van A naar B?

Het is heel belangrijk om die vraag te beantwoorden, om te bedenken hoe die circulaire samenleving en economie eruitziet. Waarom dan?

1. Als jij je die circulaire toekomst niet voor kan stellen, hoe kun je er dan voor ontwerpen, hoe kun je er dan bewust naartoe bewegen? Een gedeeld toekomstbeeld kan concretiseren, inspireren, motiveren en richting geven.

2. Verbeelding kan een krachtige veranderstrategie zijn om de discussie over de transitie naar een circulaire economie te voeden. Het brengt gesprekken op gang: wat vind je ervan, welke toekomst wil je, en wat wil je juist niet? Waar zijn we het wel en niet over eens?

3. Met de juiste mensen aan tafel kun je uiteindelijk samen tot (vak)specifieke toekomstbeelden komen. Door het beeldend vertalen van deze circulaire (toekomst)visie wordt deze gelijk een stuk concreter: kansen en uitdagingen worden voor iedereen zichtbaar, je kan scenario’s doordenken, en met elkaar onderzoeken “als dat is waar we willen komen, wat moet er dan nu gebeuren?”.

Een aantrekkelijke manier om die vraag te beantwoorden is het maken van geïnformeerde, speculatieve toekomstbeelden. Eind februari waren wij bij de Nationale Conferentie Circulaire Economie, waar we ‘toekomstfragmenten’ lieten zien: beelden van hoe een circulaire samenleving en economie er in 2050 uit zou kunnen gaan zien. Momentopnamen, snapshots, delen die samen de contouren schetsen van een groter geheel.
De expositie daagde bezoekers uit te reflecteren op de beelden (‘Ja, geef mij deze toekomst!’ vs. ‘Nee, dit is de verkeerde afslag’), om mee te denken over nieuwe en andere toekomst-fragmenten, en om na te denken over wat er in 2050 in het ‘Museum van Lineariteit’ staat. De bezoeker werd actief benaderd en uitgenodigd om de dialoog aan te gaan — met ons, met het beeld, en ook onderling — over hoe een circulaire samenleving en economie er uit gaat zien.

Door: Lianne Polinder (DIG – Design Innovation Group)

Ben je benieuwd naar wat verbeeldingskracht kan doen voor jouw organisatie? We komen graag in contact!

hello@designinnovationgroup.nl / 030-7370999

Gerenoveerde woningen, voorzien van energieopwekking door middel van algenpanelen. De groene gevels zorgen voor meer biodiversiteit, schonere lucht, temperatuur-regulatie, en een prettig straatbeeld.

Exotisch fruit wordt in Nederland geteeld, dit voorkomt milieubelastend transport. Genetische modificatie is goed gecontroleerd en breed geaccepteerd, waardoor bijna uitgestorven varianten weer aangeboden kunnen worden.

Insecten eten is nooit echt doorgebroken in de nederlandse eetcultuur: aversie tegen wriemelpootjes zit té diep. Insectenmeel wordt verwerkt in o.a. brood en snacks, alternatief voor dierlijke eiwitten, en met een kleine voetprint.

Traditioneel vlees bestaat nog steeds en komt van kleinschalige en diervriendelijke veehouderijen. Het is prijzig, want biologisch voedsel heeft een relatief grote CO2-impact. Daarnaast is er kweekvlees: gezond, betaalbaar, grootschalige productie zonder dierenleed.